Interactie

Interactie

Interactie is de basis voor alle informatie-uitwisseling tussen een bron en een ontvanger die daar betekenis aan verleent. Tevens is interactie ook een basis voor het succes van levensleren. Modern hersenonderzoek toont aan dat hetzelfde hersengebied zorgt voor interactie en taal. Dit is mogelijk de reden dat taal in gesproken vorm of in de vorm van gebaren of fluittonen kan ontstaan. Al in de baarmoeder groeien de mogelijkheden tot informatie die interactie biedt. Een baby voelt zijn omgeving en zijn eigen ledematen, sabbelt op zijn vingers. Ervaart geluid, ritme en melodie van muziek, spraak en beweging.

Semiotiek

De Kwecoo-methodiek, zoals beschreven door Hogeschool Zuyd in “Communicatie zonder grenzen”, is gebaseerd op de eerste wetenschappelijke studie naar informatie en taal door de Saussure. Die beschrijft een bron, die al of niet bewust een signaal afgeeft (bijvoorbeeld rook) en een ontvanger (met zicht of geur) die daar betekenis aan verleent. Lichaamshouding en lichamelijke reacties als “blozen” of verbleken, maken daar eveneens een integraal onderdeel van uit. De Saussure gebruikte de term semiologie, deze is nu voor een groot deel vervangen door de term semiotiek. Binnen de semiotiek bestaat er geen beneden of bovengrens aangaande interactie.

Het belang van een sociale omgeving 

Interactie overkomt je. Ieder mens is in staat om dit waar te nemen, hoe basaal deze vorm van interactie ook kan zijn. Wanneer er vanaf de geboorte langdurig tekort geschoten wordt in het geven van responsiviteit en (positieve) aandacht aan de interactie van de baby spreekt men van emotionele verwaarlozing. Door omstandigheden kan een baby na de geboorte in een sociale of sociaalarme omgeving terecht komen. Met een sociale omgeving bedoelen wij; dat een baby na zijn geboorte opgroeit in een sociale en prikkelrijke omgeving met ouders, familie en buurtgenoten. Zij geven (positieve) aandacht en respons aan de interactie van de baby.

Sociaalarme omgeving

Een baby kan na de geboorte, door omstandigheden zoals bijvoorbeeld een handicap of ziekte, langdurig in een sociaalarme omgeving, zoals een ziekenhuis terecht komen. De baby en ouder zijn afhankelijk van de mogelijkheden van contact die dan geboden worden. Vijftig jaar terug in de tijd had je als ouder beperkte bezoekuren in een ziekenhuis om tot interactiemomenten te komen met je eigen kind. Hierdoor werden interactiemomenten met de baby beperkt. Dit kan leiden tot in zich zelf gekeerde baby’s. Tegenwoordig is de zienswijze en mogelijkheden in ziekenhuizen hierover veranderd. Destijds ontstond een grote afhankelijkheid bij baby’s.

Afstemmen als dynamisch proces

Wanneer een baby uit een sociaalarme omgeving komt en van daaruit in een sociale omgeving terecht komt, zijn zowel de baby, ouders, familie en buurtbewoners machteloos en zoekende. Er zal altijd een periode plaatsvinden waar men niet afgestemd is op de baby. Men zal eerst de baby moeten accepteren en zien zoals hij is. Vandaar uit de sociale omgeving aan te passen, de signalen van de baby te leren waarnemen, te herkennen en te beantwoorden.
Er is draagkracht voor nodig om vanaf de eerste levensfase van de pasgeborene het vertrouwen, de mogelijkheden te benutten en de kansen steeds opnieuw te bieden. Dit is een levenslang proces dat bij de leef en woonwereld van de betrokkene past. 

Ieder mens heeft interactie. Bewust of onbewust. Interactie is de opening tot de wereld.